Veel belangstelling voor geschiedenis Schalkwijk

Foto: Charles Duijff

HAARLEM – Ondanks de regen en Corona-perikelen, was de opkomst groot bij de twee historische wandelingen door Schalkwijk op 10 en 11 oktober.

Het ‘uitstapje’ was toegevoegd aan het programma van de Kunstschatten van Schalkwijk 2020 als verbindend element binnen een corona-proof programma. Secretaris van de organiserende Stichting Palanka Negra, Marieke van der Leij: “Na diep graafwerk vond ik hobby-historicus Nick Nuyens voor een historische wandeling. Vreemd genoeg wisten noch Historische Vereniging Haarlem of de VVV een lokale gids op te dissen. Terwijl Schalkwijk dé grootste wijk van Haarlem is.”

Zowel Nuyens als Van der Leij vinden dat Schalkwijk onderbelicht is qua geschiedenisbeleving in Haarlem. “Er zijn soms tentoonstellingen over Schalkwijk, zoals laatst nog in het ABC Architectuurcentrum, maar dat dringt nauwelijks door tot de bevolking hier,” aldus het duo. “Het is raar dat de tentoonstelling in een ver stadsdeel was.”

Hieronder Nick Nuyens (met hoed) en belangstellenden bij het voormalige Raadhuis aan de Zuid-Schalkwijkerweg. (Foto: Marieke van der Leij)De opkomst was overweldigend. “Het verraste mij,” vertelt Nuyens die ook gidst in het centrum. “Normaliter trek ik hooguit een dozijn wandelaars. Maar voor deze twee excursies waarvoor mondkapje en aanmelding vereist waren, had ik zowel op de doorweekte zaterdag- als de droge zondagmiddag volle bak. Tweemaal 25 personen. Dat onderschrijft de behoefte.”

De ploeg liep vanaf het Floridaplein naar de Finlandstraat. Daar is het moderne Schalkwijk zo’n 60 jaar geleden begonnen, op zo’n 5 meter opgespoten zand, dat inmiddels is ingeklonken naar nog maar 3 meter, afkomstig via grote buizen uit de Schouwbroekerplas (Put van Vink) en later de Meerwijkplas.

Vanaf de oudste straat van het nieuwe deel van Schalkwijk kijkt de groep naar de Frankrijklaan. (Foto: Marieke van der Leij)‘Suyt-Scalcwijck’ is voor het eerst gedocumenteerd in 1310, maar menselijke bewoning was er waarschijnlijk al eerder. Het was destijds een schiereiland grenzend aan het Spieringmeer, Haarlemmermeer en Leidsemeer. Door turfsteken en het in directe verbinding staan met de Zuiderzee, vrat een zogenoemde ‘waterwolf’ steeds meer land op en ontstond er één grote watermassa: het Haarlemmermeer.

Chique was het toen ook al niet. Want ‘scalc’ betekent ‘knecht’ en ‘wijck’ een woonplaats. Het overstroomde frequent. Vandaar dat ‘Slot Nieuwerkerk’ niemand nog bekend in de oren klinkt. Het is weggespoeld.

Alleen in ‘Schoolenaer’ (het oranjerode wijkje aan de Zuid-Schalkwijkerweg) verwijst een straat naar het slot. Het schijnt driemaal herbouwd te zijn; de laatste keer waarschijnlijk aan het eind van het landelijke weggetje naar het fietspontje naar de Cruquius waar het via een tunnel onder het Spaarne misschien nog steeds verbonden is met het ‘Oude Slot’ in Heemstede. De gewezen locaties zijn allerminst zeker. “De huidige nieuwbouw op het Tjaden-terrein is een mooi moment voor archeologisch onderzoek,” zegt Nuyens.

Slot Nieuwerkerk ​had een belangrijke economische functie: tolheffen. De enige bevaarbare route vanuit het zuiden naar Haarlem was immers via het Spaarne.

Het bewijs dat Suyt-Scalcwijck vroeger een belangrijke gemeente (of ‘heerlijkheid’ net als Heemstede) was, is er. Zo ligt er een voormalig raadhuis aan de Zuid-Schalkwijkerweg 45 tegenover de vogelbroedweilanden. “Dienden de tralies ergens toe – had het een eigen gevangenis? Dat was heel gebruikelijk voor een raadhuis of ‘schoutenhuis’ zoals het vroeger genoemd werd. Waarschijnlijk ligt er een galgenveld naast,” zegt Nuyens. (hieronder Zuid Schalkwijkerweg)Een belangrijk wapenfeit voor Schalkwijk was het bevoorraden van het door de Spanjaarden belegerde Haarlem in 1572. De Watergeuzen lagen aan de zuidkant waardoor de stad het zeven maanden wist uit te houden tegen de hertog van Alva, totdat zij verjaagd werden door schepen van het Vaticaan gezinde Amsterdam.

“Schalkwijk is continu aan het moderniseren,” vertellen Nuyens en Van der Leij. “Maar lang niet alles wordt opgetekend. Uit navraag blijkt dat boeren destijds met dwang van hun land verdreven werden om hoogbouw van o.a. de Engelandlaan te realiseren. Die verhalen willen we optekenen voordat het telaat is. Nu leven de nakomelingen nog. Ook de geschiedenis van gebouwen die soms slechts een levensduur van een paar decennia hebben, verdwijnen in rap tempo. Dan is het weg en de geschiedenis meestal ook.”Historische foto’s of lokale vondsten gezocht”

Op z’n minst is de doelstelling om een vitrine met historische middelen in te richten in bijvoorbeeld de lokale bibliotheek. “Maar we willen ook historische avonden organiseren en zoeken daartoe archeologische vondsten of oude foto’s,” aldus het duo.
Wie iets interessants heeft voor de vitrine en/of historische avonden, kan dit melden op:[email protected]​.

Reacties