Natuur en gezondheid: Poep in de natuur

Foto: Stichting Duinbehoud

In zijn tiende column besteedt Marc Janssen van Stichting Duinbehoud aandacht aan de ‘poep’ van de grote duingrazers, de paarden en de koeien. Hoe zit dat nou: begrazing zou zou goed zijn voor de planten in de duinen, maar hoe zit ’t dan met de stikstof? Wat blijkt: de ene poep is de andere niet!

In de regio Kennemerland zijn we gezegend met prachtige duingebieden. De Amsterdamse Waterleidingduinen, de Kennemerduinen en het Noord-Hollands Duingebied. Prachtige natuur, om te wandelen, te fietsen, voor andere sportieve activiteiten, tevens waterwingebied dat voorziet in ons drinkwaterbehoefte, en natuurlijk ook bescherming tegen de zee. En dan heb je ook nog de geneeskrachtige kruiden en eetbare planten.

Dit alles bij elkaar biedt volop inspiratie voor een mooie serie van verhalen van wat je zo al tegenkomt in ónze duinen en op onze stranden. De serie is gemaakt door de Stichting Duinbehoud.

Poep in de natuur (door: Marc Janssen)

Het is een vraag die mij weleens wordt gesteld tijdens een wandeling door de duinen: “Is die poep van paarden en koeien in het duin niet slecht voor de natuur”? Een terechte vraag, in de krant lees je regelmatig verhalen over de stikstofdepositie (een soort mest) en hoe slecht dat wel niet is voor de natuur. De grote hoeveelheid stikstof in de lucht (in de vorm van nitraatoxiden en ammoniak) zorgt voor een bemesting van het van nature voedselarme duingebied. En daar heeft met name de kruidenrijke plantengroei veel last van. Planten als ereprijs, walstro, ogentroost en vleugeltjesbloem worden overwoekerd door snelgroeiende plantensoorten als duinriet en braam.

Vleugeltjesbloem (foto: Ronald van Wijk)

De beheerders van natuurgebieden zetten paarden en koeien in om de snelgroeiende plantensoorten kort te houden en ruimte te geven aan kruiden als wilde tijm of vlasbekje. “Hoe zit dat dan met die poep? Dat is toch ook mest waar die duinplanten veel last van hebben?”

Meststoffen in de poep van paarden en koeien zijn afkomstig uit het duin zelf. Deze meststoffen komen van de planten die de paarden en koeien opgegeten hebben. Er worden geen meststoffen toegevoegd aan het duin. Ook worden de meststoffen sterk geconcentreerd. Paarden en koeien grazen een groot stuk duin af, waar kruiden weer tot bloei komen. En de poep wordt gedeponeerd op een klein plekje. Dit concentreren van de meststoffen is juist gunstig voor de natuur.

Bijkomend voordeel van deze poep is, dat hier weer andere organismen van profiteren. Iedereen kent wel de kleine, blauwzwart glimmende mestkevers uit zuidelijke streken. Deze kever knipt de poep in kleine stukjes, draait er balletjes van en rolt die naar een plek iets verderop om het in de grond te stoppen en er een eitje in te leggen. De poep is voedsel voor de jonge kever larven.Een ander organisme dat profiteert van de poep is de schimmel. De sporen van schimmels komen met de wind aangewaaid en ontkiemen in de poep. De schimmeldraden groeien vervolgens naar binnen en voeden zich met de poep. Na een tijdje komen daar mooie paddenstoelen uit. De namen daarvan ken ik niet allemaal. Maar dat geeft niet, want paddenstoelen zijn gewoon mooi. Kijk maar eens van dichtbij. Sommigen zijn glanzend bruin, anderen grijsbruin of zwart. Ook in de winter kom je ze in het duin tegen.

Voor meer informatie over natuur en gezondheid zie: www.duinbehoud.nl